Een verroeste scheepsromp steekt boven het water uit en ook een afgebroken mast is weer zichtbaar. Door de aanhoudende droogte staat de Donau bij de Servische havenplaats Prahovo zo laag dat Duitse oorlogsschepen uit de Tweede Wereldoorlog opnieuw aan de oppervlakte verschijnen.
De wrakken zijn meer dan een historische bezienswaardigheid. Sommige schepen hebben nog mijnen, munitie en andere explosieven aan boord. Bovendien liggen ze op een plek waar de Donau de grens vormt tussen Servië en Roemenië en een belangrijke internationale vaarroute is.
Duitsland bracht de eigen schepen tot zinken
De schepen behoorden tot de Duitse Zwarte Zeevloot. Toen Duitsland zich in 1944 uit Roemenië terugtrok en het Rode Leger verder oprukte, besloot de Duitse legerleiding een groot deel van de vloot bij Prahovo zelf tot zinken te brengen.
Zo moesten de schepen uit handen van de Sovjets blijven. Tegelijkertijd vormden de gezonken vaartuigen een blokkade in de rivier. Tachtig jaar later liggen veel van de wrakken nog altijd op en onder de rivierbodem.
Geen 200 bevestigde wrakken op één plek
In berichten over Prahovo wordt vaak gesproken over ongeveer 200 schepen. Dat getal heeft betrekking op de omvang van de Duitse vloot die in het gebied actief was en grotendeels tot zinken werd gebracht. Het betekent niet dat nu 200 zichtbare wrakken op dezelfde plek liggen.
Later onderzoek bevestigde 38 wrakken in het gebied. Een groep van 21 schepen heeft prioriteit gekregen binnen het huidige bergingsproject. Eerder werden 23 wrakken aangewezen als een directe belemmering voor de scheepvaart.
Een deel daarvan ligt zo dicht bij de vaargeul dat de normaal ongeveer 180 meter brede doorgang tijdens laagwater versmalt tot circa 100 meter.
Explosieven maken iedere berging gevaarlijk
De slechte staat van de schepen maakt verwijdering ingewikkeld. Bergers moeten eerst vaststellen welke explosieven zich in, op en rond ieder wrak bevinden. Daarna volgen onderwaterontmijning, het lichten van het schip en een inspectie van het interieur.
Dat het gevaar nog altijd reëel is, bleek in juni 2026. Toen werd uit het wrak van de T-20 een Duitse dieptebom geborgen. Het explosief werd naar de wal gebracht en daar gecontroleerd vernietigd. Het scheepvaartverkeer werd tijdens de operatie enkele uren stilgelegd.
De gevolgen blijven niet beperkt tot de veiligheid van schepen en bergers. Achtergebleven explosieven en mogelijke gevaarlijke stoffen vormen ook een risico voor de natuur in en rond de Donau.
Lage waterstand raakt ook de scheepvaart
De extreem lage waterstand maakt de wrakken beter zichtbaar, maar beperkt tegelijkertijd de beschikbare ruimte en diepte voor andere schepen. Vrachtschepen kunnen minder lading meenemen en veerdiensten, rondvaartboten en cruiseschepen moeten hun routes of dienstregeling aanpassen.
Ook elders langs de Donau zorgt de droogte voor problemen. De rivier bereikte deze zomer op meerdere plaatsen uitzonderlijk lage standen. Dat raakt niet alleen de scheepvaart en het toerisme, maar ook landbouw, industrie en energiecentrales die afhankelijk zijn van voldoende rivierwater.
Miljoenenproject moet de Donau veiliger maken
De verwijdering van 21 wrakken maakt deel uit van een project van ongeveer €31 miljoen. De Europese Unie draagt €15,85 miljoen bij; de overige financiering komt onder meer via de Europese Investeringsbank.
Het project loopt sinds juli 2023. Inmiddels zijn onder andere een Duitse mijnenveger en een vissersvaartuig geborgen en vrijgemaakt van explosieven. De werkzaamheden moeten de vaarroute bij Prahovo uiteindelijk veiliger en breder maken.
Totdat alle risicovolle wrakken zijn verwijderd, blijft laagwater een dubbel probleem. Het legt een bijzonder stuk oorlogsgeschiedenis bloot, maar brengt tegelijk gevaren boven water die al sinds 1944 op de bodem van de Donau liggen.