Op het water

Deze Amerikaanse sleutelaar trotseert wild water in een geplette en aan elkaar gesmolten jet-kajak

Een afgedankte gemotoriseerde kajak krijgt een verrassend zwaar tweede leven. De avonturier repareerde het gehavende voertuig zelf en nam het direct mee voor de ultieme beproeving in Alaska.

Jesper Penninga Leestijd 2 minuten
Deze Amerikaanse sleutelaar trotseert wild water in een geplette en aan elkaar gesmolten jet-kajak

De meeste autoliefhebbers en sleutelaars houden zich in hun vrije tijd bezig met snelle bolides of stoere terreinwagens. De Amerikaanse vlogger Matt Spears verlegt zijn technische grenzen liever op het onvoorspelbare water. Hij tikte onlangs via Facebook Marketplace een uiterst zeldzame Mokai jet-kajak op de kop. Het Amerikaanse voertuig was echter verre van fabrieksnieuw. De vorige eigenaar had het kleine vaartuig zwaar beschadigd nadat een enorme lading sneeuw vanaf het dak de plastic romp had verpletterd.

Spears weigerde de handdoek in de ring te gooien voor het unieke bootje en pakte de reparatie op kenmerkende redneck wijze aan. Met een flinke dosis warmte smolt hij de gescheurde plastic carrosserie simpelweg weer aan elkaar. De ultieme en vuile vuurdoop voor deze eigenhandige restauratie vond vrijwel direct daarna plaats in de ijskoude wateren rondom het schilderachtige Valdez in Alaska.

Een grasmaaier motor in een kano

De Mokai is een fascinerend stukje robuuste mechanica. In de basis is het een drieënhalve meter lange en open kano. Achterin de romp rust echter een uiterst betrouwbare Subaru of Honda viertaktmotor, vergelijkbaar met het blok onder een zware grasmaaier. Deze krachtbron drijft een compacte waterjet aan die zich net onder de waterlijn bevindt. Het grote voordeel van dit ontwerp is het ontbreken van een uitstekende propeller, waardoor de kajak moeiteloos door extreem ondiep water kan navigeren.

De theorie klonk fantastisch, maar de ruwe praktijk in Alaska legde direct de pijnpunten van het kleine vaartuig bloot. Tijdens een zware tocht over klasse drie wild water liep de open cockpit razendsnel vol met het ijskoude smeltwater van gletsjers. Waar een professionele kano voor wild water standaard is afgesloten met een strak spatzeil, moest Spears constant waken dat de neus van de zware boot niet wegdook om een complete en fatale zinking te voorkomen.

Zeewier, stenen en uitvallende motoren

De jet-aandrijving bleek bovendien verrassend gevoelig voor obstakels. Het afgeschermde aanzuigrooster onder de boot functioneert in theorie prima, maar in de praktijk slurpte de pomp regelmatig steentjes en lokaal zeewier op. Dit zorgde voor stevige vermogensverliezen en de topsnelheid van krap twaalf kilometer per uur werd hierdoor met regelmaat gereduceerd tot een tergend trage kruipsnelheid.

Als klap op de vuurpijl liep de benzinemotor meerdere keren vol met opspattend zeewater. Grote golven overspoelden simpelweg de achterkant en verzadigden het standaard luchtfilter, waarna de eencilinder stotterend de geest gaf. Dobberen tussen de metershoge golven vereiste flink wat trekwerk aan het startkoord om de boel überhaupt weer draaiende te krijgen. De aan elkaar gesmolten kano overleefde de extreme tocht wonderwel zonder te zinken, maar de limieten van deze modulaire boot werden tijdens deze onstuimige trip luid en duidelijk blootgelegd.