Het superjacht: $350 miljoen, het onderhoud: $30 miljoen
Het superjacht, eigendom van de 68-jarige miljardair en Warner Music-baas Sir Leonard Blavatnik, vertelt het verhaal van een man die in 1978 als immigrant zonder een cent op zak in de Verenigde Staten aankwam.Na zijn aankomst in Amerika volgde Blavatnik een indrukwekkend pad: hij behaalde een MBA aan Harvard en legde de basis voor zijn imperium met investeringsmaatschappij Access Industries. Zijn meest gedurfde zet deed hij in 2011 met de aankoop van Warner Music voor $3,3 miljard, een gok die zichzelf vele malen terugbetaalde in 2020.
Met een geschatte jaarlijkse onderhoudsrekening van $30 miljoen kost het superjacht per dag bijna $82.000 om simpelweg in de vaart te blijven. Deze kosten omvatten niet alleen de gespecialiseerde bemanning en brandstof, maar ook de complexe technische zorg voor de hybride systemen en de geavanceerde batterijpakketten. Hoewel dit bedrag voor de meesten onvoorstelbaar is, vormt het voor Blavatnik slechts een fractie van zijn vermogenVandaag de dag wordt zijn vermogen geschat op $30 miljard, wat hem de middelen gaf om een van de bekendste superjachten ooit te bestellen.
De geschiedenis van de O3
De ontstaansgeschiedenis van de O3, die tijdens de bouw bekendstond als project ‘Shackleton’, is even ongebruikelijk als haar eigenaar. Terwijl de meeste luxejachten vorm krijgen op gespecialiseerde werven voor pleziervaart, werd dit 107 meter lange schip grotendeels gebouwd op de Peene-Werft in Wolgast. Hier rollen normaal gesproken torpedobootjagers en schepen voor de kustwacht van de band. Dit militaire DNA is terug te zien in de constructie: met een omgekeerde X-boeg en een volume van 6.000 GT is de O3 ontworpen om brute weersomstandigheden op de open oceaan te trotseren, zonder dat het comfort aan boord ook maar een moment in gevaar komt.
De prijs voor deze extreme luxe en kracht stopt echter niet bij de aankoop. De operationele kosten van een dergelijke "reus" zijn duizelingwekkend. Experts ramen het jaarlijkse onderhoud en de exploitatie op ongeveer $30 miljoen. Hoewel dit voor de buitenwereld een astronomisch bedrag is, relativeert Blavatniks vermogen alles: de jaarrekening van zijn schip beslaat slechts 0,1% van zijn totale nettowaarde. De O3 degradeert hiermee zijn vorige vlaggenschip, de $80 miljoen kostende Odessa II, tot een "bescheiden" bijrol.
De perfecte hybride tussen luxe en militaire kracht
Wie naar de O3 kijkt, ziet in eerste instantie een functioneel werkschip of een indrukwekkend marinevaartuig. Maar achter het onverwoestbare exterieur schuilt een wereld van ongekende weelde. Het jacht biedt plaats aan twintig gasten in tien ultra-luxe suites. De lijst met voorzieningen leest als die van een exclusief vijfsterrenresort: een uitgebreide spa, een gezondheids- en schoonheidscentrum, een beachclub, een lift en een panoramisch zwembad. Tijdens de bouw werd bovendien een fors helikopterdek toegevoegd, essentieel voor expedities naar de meest afgelegen uithoeken van de planeet.
Onder de motorkap bevindt zich een technisch hoogstandje in de vorm van een geavanceerd diesel-elektrisch voortstuwingssysteem. Dankzij state-of-the-art systemen voor energieopslag en warmtebeheer kan de O3 vertrouwen op enorme batterijpakketten. Hierdoor kunnen alle hotelfuncties aan boord gedurende langere tijd emissievrij en in volledige stilte draaien. Naar verwachting zal de O3 dit voorjaar, na de laatste proefvaarten in de Deense wateren, officieel worden overgedragen aan haar eigenaar.
- NL Beeld / The Photo One