Een historische stap voor de reddingdienst
De Koninklijke Nederlandse Redding Maatschappij heeft opdracht gegeven voor de bouw van dertien nieuwe all-weather reddingboten, elk ruim 19 meter lang. Het is de grootste werfopdracht ooit geplaatst door de organisatie. De schepen worden vanaf 2026 gebouwd bij Dok en Scheepsbouw Woudsend BV in Friesland, een werf die de KNRM al jaren ondersteunt. De volledige investering wordt mogelijk gemaakt door donateurs, erflaters en sponsoren.
De grootste klasse binnen de KNRM
De nieuwe reddingboten vormen de grootste klasse binnen de KNRM-vloot en zijn een doorontwikkeling van de bestaande Arie Visser-klasse en de Nh1816. Deze laatste werd in 2014 in dienst genomen en intensief getest tot 2018. Op basis van die ervaringen ontstond het plan voor een verbeterde opvolger.
/https%3A%2F%2Fcdn.pijper.io%2F2025%2F11%2FinG3pYVzu5XTVz1763476870.jpg)
Vrijwilligerswerk dat donaties nodig heeft
De totale vernieuwing kost 120 miljoen euro. Bijna 70% daarvan is al gedekt door schenkingen, voor het resterende bedrag zoekt de KNRM nog donateurs. De organisatie, die volledig afhankelijk is van vrijwillige bijdragen en zonder overheidssubsidie werkt, noemt de order een cruciale stap voor de veiligheid op zee. Directeur Jacob Tas benadrukt dat de nieuwe reddingboten nodig zijn om vrijwilligers de komende decennia veilig te laten werken.
Ontwikkeld met schippers, ontwerpers en onderzoekers
Bijzonder aan de nieuwe Nh1816-2-klasse is de manier waarop deze tot stand kwam. Scheepsbouwkundigen van Gaastmeer Design BV en onderzoekers van MARIN werkten nauw samen met vrijwilligers van de reddingstations die straks met de nieuwe schepen gaan varen. Zo werd een ontwerp gevormd waarin praktische ervaring en technische innovatie samenkomen.
De nieuwe klasse krijgt een topsnelheid van 60 km per uur, is inzetbaar bij vrijwel elk weertype en kan na een kapseis zelfstandig terugkeren. Een belangrijke uitbreiding voor een organisatie die vaker te maken krijgt met zwaardere omstandigheden op open water.
Een Friese werf met ervaring
Dok en Scheepsbouw Woudsend BV kreeg de opdracht na een zorgvuldig aanbestedingstraject. De werf bouwt al jaren reddingboten voor de KNRM, waaronder tien schepen van de Van Wijk-klasse. Voor directeur Gert-Jan Bleeker is het een project dat past bij de geschiedenis van de werf. Hij noemde de nieuwe opdracht met enige trots ‘It giet oan’, verwijzend naar de Friese traditie.
Van Eemshaven tot Breskens
De dertien nieuwe schepen worden verdeeld over belangrijke kustlocaties: Eemshaven, de Waddeneilanden, Den Helder, Scheveningen, Hoek van Holland, Zeeland en Breskens. Twee reddingboten gaan naar de reservevloot en worden ingezet tijdens onderhoud aan actieve schepen.
Een koninklijke naamgever voor de eerste boot
De eerste reddingboot, een reserveschip, krijgt de naam Prins Johan Friso. Deze naam werd bekendgemaakt door koning Willem-Alexander en verwijst naar de broer van de koning en zoon van prinses Beatrix, beschermvrouwe van de KNRM.
Naamgeving door donateurs
Negen van de dertien reddingboten hebben inmiddels een naamgever gevonden. De traditie blijft: de grootste schenker mag de naam bepalen. Een van de donateurs is John van Doorn, oprichter van Sail Amsterdam, die samen met zijn vrouw een reddingboot voor Ameland financiert. Zijn persoonlijke band met zeevaart, muziek én een eerdere redding door vrijwilligers maakte de keuze vanzelfsprekend, vertelt hij.
Een noodzakelijke investering voor de toekomst
De KNRM beschikt over 75 reddingboten die dag en nacht paraat staan. Veel daarvan zijn sinds de jaren ’90 in gebruik. Hoewel ze goed worden onderhouden, stijgen de kosten en groeit het risico op technische uitval. Daarom worden alle 75 schepen vervangen tussen 2021 en 2035.
- KNRM / Flying Focus BV / Roel Ovinge