De avonturen van Chantecler

Schepenruil

@media (max-width: 680px){#fig-6175a4fa3cd4a img.lazyloading{background: #eee;}#fig-6175a4fa3cd4a img{#fig-6175a4fa3cd4a img.lazyloading{width: 624px;height: 0px;}}@media (min-width: 681px) and (max-width: 1320px){#fig-6175a4fa3cd4a img.lazyloading{background: #eee;}#fig-6175a4fa3cd4a img{#fig-6175a4fa3cd4a img.lazyloading{width: 980px;height: 0px;}}@media (min-width: 1321px){#fig-6175a4fa3cd4a img.lazyloading{background: #eee;}#fig-6175a4fa3cd4a img{#fig-6175a4fa3cd4a img.lazyloading{width: 1272px;height: 0px;}}

De eerste naoorlogse jaren werd Chantecler niet meer gevaren. Bisley en Dipple verkochten haar uiteindelijk in 1947 aan marine-officier Silcock, die haar erg mooi opknapte. Ze bleef in Engeland en wisselde nog een paar keer van eigenaar, tot ze terugkeerde naar Nederland in 1979. De eigenaar was toen een Amerikaan. Hij bleek haar teruggehaald te hebben om een Trans- Atlantische tocht voor te bereiden op de werf Van Grevenstein. Hier kwam weinig van terecht en het schip lag er gaandeweg steeds verwaarloosder bij. Ze was niet te koop, maar Han van Veen, die op een steenworp van de werf woonde, liet toevallig zijn oog op Chantecler vallen. Hij maakte kennis met de eigenaar en ontraadde hem sterk een oceaanoversteek te maken. Ze kwamen overeen dat de Amerikaan de in perfecte staat verkerende zeeschouw van Han zou overnemen en Han de Lemsteraak. Het was in feite een schepenruil. De goede vaareigenschappen van een Lemsteraak waren bekend bij Han en zijn vrouw Françoise. Een mooie bijkomstigheid was aanzienlijk meer ruimte aan boord. De zeeschouw werd vervolgens op zeetransport naar Houston gezet.

Van binnen en buiten stralen

Lees verder op de volgende pagina...